De Zonnepriester

- Zoom
- 40173652
- De zon: bron van energie
De Tegenlicht-serie ‘Energie in overvloed’ besluit met een discussie over de toekomst van onze energievoorziening. Voor Paul Metz geen vraag: volle kracht vooruit met zonne- energie!
Uit: VPRO gids nr. 43 2008
Door: Ulrik Unger
Dr Paul E. Metz (1944) studeerde chemie en economie in Leiden en werkte van 1974 tot 1994 bij Akzo. Na zijn vertrek aldaar begon hij het adviesbureau INTEGeR...consult, dat bedrijven en overheden adviseert op het gebied van duurzame energie, onder andere DaimlerChrysler en Deutsche Telekom. Hij heeft zitting in de Trans-Mediterranean Renewable Energy Cooperation (TREC) en was vijf jaar executive director van de European Business Council for Sustainable Energy. In 2004 richtte hij met de natuurkundige dr Evert du Marchie van Voorthuysen de stichting Gezen op, hetgeen staat voor Grootschalige Exploitatie van Zonne-Energie.
Gezen bepleit het gebruik van CSP-technologie (Concentrating Solar Power) om van zonlicht elektriciteit te maken. Hierbij wordt met spiegels het zonlicht gebundeld om warmte in stroom om te zetten, in tegenstelling tot de photovoltaische techniek (PV), waarbij het zonlicht met zonnepanelen direct in elektriciteit wordt omgezet. Doel van Gezen is een samenleving die op zonne-energie draait.
- Zouden we niet beter kunnen overschakelen op regenenergie?
Paul Metz: ‘Er wordt weleens gegrapt dat regenpijpen in Nederland een flinke energiebron zouden kunnen zijn.’
- Zit die regen de opwekking van zonne-energie in Nederland niet in de weg?
‘Natuurlijk. Als ik over zonne-energie praat, heb ik het over het oogsten van de zon in zonnige landen, dus met zonne-energiecentrales in Zuid-Europa en Noord-Afrika. Dat is ook veel goedkoper.’
- Heeft die goedkoopte te maken met de plaatselijke arbeidskrachten?
‘Nee, na de bouw is het verder geen arbeidsintensieve activiteit. Er is een vergelijking gemaakt: een zonnecentrale in Zuid-Spanje of Noord-Afrika zou drie keer zoveel rendement opleveren als een soortgelijk systeem in Nederland.’
- Hebben we in Nederland niet al genoeg stroom als we allemaal een zonnepaneel op ons dak leggen?
‘Dan hebben we niet genoeg en hebben we ’s nachts geen stroom. Bovendien is het veel goedkoper om die panelen zuidelijker neer te leggen en de stroom via een draadje hier naartoe te halen.’
- Maar ook in die contreien wordt het nacht.
‘Dat nadeel hou je met PV altijd. CSP heeft het voordeel dat het een thermisch proces is. Je oogstwarmte en die kun je opslaan voordat je er elektriciteit van maakt. Dan kun je vierentwintig uur per dag stroom leveren zonder dat je dure batterijen nodig hebt.’
- Gebeurt er veel rond CSP?
‘Er is een aantal projecten in ontwikkeling, waar mogelijk met behulp van subsidies. Of met overheidsvoorschriften, zoals in Californië en Nevada. In Californië moeten de energieleveranciers, de plaatselijke Nuon en Eneco, in 2010 zo’n vijftien procent duurzame energie leveren. Dus zonder dat daar fossiele brandstoffen bij worden gebruikt.’
- Afdwingen helpt dus.
‘Afdwingen is de enige manier.’
- Maar is dat dan economisch rendabel?
‘Nou ja, als een overheid iets voorschrijft, dan moet het. Natuurlijk is het in het begin wat duurder, omdat het een nieuwe markt is en een nieuw product, maar de kosten worden uitgesmeerd over alle stroomgebruikers. En als geleidelijk aan het percentage duurzame energie toeneemt, betaalt iedereen een onmerkbaar hogere stroomrekening. Zo schakel je gaandeweg om naar een nieuwe techniek.’
- Wordt zonne-energie snel goedkoper dan energie uit fossiele brandstof? Want die wordt steeds duurder.
‘Er is een paar jaar geleden door een ingenieursbureau een fundamentele studie gedaan, die ook door het International Energy Agency in Parijs is overgenomen en gepubliceerd, en daar staat in dat als je negen gigawatt aan CSP-centrales zou bouwen de kostprijs daarvan lager zou zijn dan van een gascentrale tegen een prijs van, omgerekend, vijftig dollar per vat olie. Nou, daar zijn we inmiddels ver voorbij. Dus CSP-centrales zijn nu veel sneller rendabel dan een paar jaar geleden.’
- Een veelgehoorde klacht is dat door de Nederlandse overheid nauwelijks iets aan zonne-energie wordt gedaan, zeker op het gebied van CSP. Klopt dat?
‘Ja. Wat CSP betreft is dat begrijpelijk, omdat in Nederland een CSP-centrale niet kan functioneren. Daarvoor is de zonne-intensiteit te laag. Duitsland gaat CSP-stroom uit Algerije halen.’
- En dat doen ze samen met Spanje, waar ze wel CSP-centrales hebben.
‘Zuid-Spanje, Zuid-Italië, Griekenland en Kreta zijn binnen de EU gebieden waar de zonne-intensiteit hoog genoeg is om er centrales neer te zetten.’
- Klopt het dat je aan een gebied zo groot als Frankrijk voldoende hebt om met CSP aan de energiebehoefte van de hele aarde te voldoen?
‘Die getallen zijn gecontroleerd en dat klopt. Als we maar een promille van de ingestraalde zonne-energie omzetten, dan hebben we veel meer stroom dan we in de hele wereld gebruiken.’
- Maar dan is het toch onbegrijpelijk dat er niet veel meer haast wordt gemaakt met zonne-energie!
‘Inderdaad.’
- Waar ligt dat dan aan?
‘Tsja... Die vraag wordt natuurlijk vaker gesteld. Het ligt aan gevestigde belangen en aan ongeloof bij mensen die er voor het eerst over horen en hetzelfde zeggen wat vaker over voor de hand liggende uitvindingen met een hoog rendement is gezegd: “Als het geld op straat ligt, dan had een ander het wel opgeraapt.” Toch ligt het er. Alleen gelooft bijna niemand het.’
- En die gevestigde belangen?
‘Die zijn groot. Er is een gigantisch bedrag geïnvesteerd in een energiestructuur die gebaseerd is op olie en gas en kolen en uranium. Alles wat dat zou kunnen vervangen, wat op termijn overigens noodzakelijk is, wordt als een bedreiging gezien. En in het begin zijn duurzame energiebronnen natuurlijk duurder, dus de gevestigde orde kan altijd zeggen dat je kolenstroom voor vier cent kunt maken, terwijl zonnestroom nu nog iets van twintig cent kost.’
- Maar de oliemaatschappijen zien hun olie- en gasvoorraden toch opraken. Waarom investeren ze dan niet in alternatieve brandstoffen?
‘Dat is bij alle grote transities een vraag die speelt. Dat zie je bijvoorbeeld met elektrische auto’s. Waarom worden die niet sneller in de markt gezet? De grote Amerikaanse autofabrikanten moeten nu met miljarden dollars overheidssteun van het faillissement worden gered, omdat ze veel te lang hebben ontkend dat het nodig is om zuiniger auto’s te maken.’
- Er zit een onmiskenbaar sociale kant aan zonne-energie; de zon is van niemand en dus van iedereen.
‘In Brussel heb ik in een lezing voorspeld dat er binnen niet al te lange tijd als opvolger van OPEC een EHEC zou kunnen ontstaan: een organisatie van Energy Harvesting and Exporting Countries. In een aantal landen beginnen nu projecten voor wind- en zonne-energie voor eigen gebruik en export tot stand te komen. In Abu Dhabi loopt het Masdar-project, een duurzame stad in de woestijn. Als onderdeel daarvan wordt een paar honderd megawatt aan zonne-energie gerealiseerd, zowel met PV op de gebouwen als met een CSP-centrale in de woestijn. In Libië loopt een project en ook in Algerije en Marokko gaat het wel gebeuren.’
- Ironisch genoeg zullen dus veel van de huidige olieproducerende landen in het Midden- Oosten met zonne-energie hun monopolie op de energievoorziening behouden.
‘Nou ja, ze hebben begrepen dat ze in de energiemarkt kunnen blijven als ze de opbrengst uit hun olie tijdig in zonne-energie investeren in plaats van die olie alleen maar uit te putten.’
Uit: VPRO gids nr. 43 2008