’k Heb m’n wagen opgeladen...

- Zoom
- 40036580
- De Tesla Roadster, een elektrische auto
De technologie voor elektrische auto’s is ver gevorderd, maar de grote autofabrikanten doen er weinig tot niets mee. Dat laat Martijn Kieft zien in het tweede deel van de Tegenlicht-reeks Energie in overvloed.
Uit: VPRO Gids nr. 39 2008
Door: Ulrik Unger
- Hoe urgent hebben we auto’s op alternatieve brandstof nodig?
Martijn Kieft: ‘Er zijn drie redenen waarom het urgent is. In de eerste plaats het broeikaseffect. Grofweg een derde van de co2 die we uitstoten komt van transport. Verder hebben we aan Georgië gezien dat we minder afhankelijk moeten worden van landen waar we onze olie vandaan halen. En ten derde een praktisch punt: wat betaal je per maand aan benzine? Een gemiddelde automobilist die zo’n 15 duizend kilometer per jaar rijdt, betaalt iedere maand ongeveer honderd à honderdvijftig euro aan benzine. Stel dan dat we een motor hebben die maar de helft verbruikt, dat scheelt je zomaar zestig à zeventig euro per maand. Maar daar staat bijna niemand bij stil, want de meeste nieuwe auto’s worden niet gekocht door particulieren, maar door leasemaatschappijen. Die leasemaatschappijen betalen ook de benzine, dus je hoeft nooit je bankpasje bij de benzinepomp te gebruiken. Dat wordt allemaal verrekend in de totale salarisstructuur en dan zijn de benzinekosten opeens heel erg klein. Maar het zijn de mensen die wat minder geld te besteden hebben en op de tweedehands automarkt zijn aangewezen, die geen auto kunnen kopen die echt zuinig is. En dat zijn de mensen die je hoort klagen op het Journaal als de benzineprijzen omhoog gaan.’
- Er is dus een markt voor zuiniger auto’s of auto’s op niet-fossiele brandstoffen. Spelen de autofabriekanten daar op in?
‘Nee, ze doen eigenlijk zo min mogelijk. Ze vinden het lastig, ze vinden het moeilijk, ze zijn bang dat ze minder auto’s verkopen, dat ze duurder gaan worden, etc. Er zijn heel weinig serieuze pogingen ondernomen om auto’s op de markt te brengen die flink zuiniger zijn of op andere dan fossiele brandstoffen rijden. Volkswagen heeft en paar jaar geleden een klein autootje op de markt gebracht, een aangepaste versie van de Lupo, die honderd kilometer reed op drie liter benzine, dus ruim een op dertig. Die hebben ze anderhalf jaar later van de markt gehaald omdat hij te weinig verkocht. En dat kwam omdat hij net vijftienhonderd euro duurder was dan een gewone Lupo.’
- Was hij niet sexy genoeg?
‘Het was een heel klein autootje. Die besparing verdien je pas terug na vier of vijf jaar. En dan moet je vrij veel kilometers maken. Mensen gaan niet in zo’n klein autootje dertigduizend kilometer per jaar rijden. Dus ze hadden het trucje met die Lupo beter met een middenklasser kunnen doen.’
- Maar nu de olieprijs stijgt doen de autofabrikanten nog steeds niets, afgezien van de Toyota Prius.
‘Er wordt heel veel aangekondigd. Over twee jaar zullen de meeste grote automerken wel een hybride auto hebben die net als de Prius een stukje zuiniger is. Maar wat ik in mijn film probeer uit te leggen is dat er heel veel meer kan. Auto’s kunnen makkelijk twee, drie keer zo zuinig worden als nu. Het probleem is dat er bijna geen innovatie meer is in de auto-industrie. Ja, ze kijken hoe ze beter een dvd-speler kunnen inbouwen, zodat de kinderen op de achterbank naar een filmpje kunnen kijken. Maar naar de basis van de auto, de motor, wordt nauwelijks meer gekeken. Dat is al twintig, dertig jaar zo.’
- Wat laat je ons in je film zien?
‘Hoe het komt dat die innovatie er niet is. De maatschappij zou er veel voordeel bij hebben als we snel een overstap zouden maken naar minder fossiele brandstof verbruikend transport of naar auto’s op andere energiebronnen, dus waarom gebeurt dat niet? Ik wil laten zien waarom er een patstelling is ontstaan, waarbij de meeste partijen de huidige situatie wel prima vinden. En dat wij als gewone burgers daarvoor betalen bij de benzinepomp.’
- Hebben de autofabrikanten belang bij de huidige situatie?
‘Er is altijd de vraag of er een complot achter zit; dat de autofabrikanten moedwillig nieuwe ontwikkelingen tegenhouden. Ik ben daar geen bewijs van tegengekomen. Ik denk dat de directies vooral bezig zijn met het tevreden houden van de aandeelhouders. Dat doen ze door zoveel mogelijk winst te maken. Als ze gaan investeren in nieuwe technologie, hebben hun aandeelhouders daar pas over vijf of tien jaar wat aan. Dat vinden ze te ver weg. Het is een klassiek voorbeeld van wat ze in Amerika quarterly earnings thinking noemen, kwartaalcijferdenken. Ze kunnen niet verder dan drie maanden vooruit denken. De aandeelhouders willen nu winst en het volgende kwartaal nog meer winst dan dit kwartaal. Zelfs terwijl iedereen ziet dat je het met grote, energieslurpende auto’s niet volhoudt, dat je die over vijf jaar niet meer kan verkopen, hebben ze toch niet de ruimte om te investeren in auto’s die ze wel kunnen verkopen. Die grote fabrikanten gaan tegen een muur lopen. Ford en General Motors sluiten de ene fabriek na de andere. En daarom komt er nu ruimte voor nieuwe, frisse bedrijfjes.’
- Wat voor bedrijfjes ben je tegengekomen?
‘Onder andere Tesla Motors uit Californië, dat vind ik een mooi voorbeeld. Elektrische auto’s hadden vaak het imago van een invalidenwagentje dat maar vijftig kilometer per uur kan en dat je na veertig kilometer weer moet opladen. Tesla laat zien dat het anders kan. Zij komen met een sportauto, de Tesla Roadster. Dat ding is sneller dan een Ferrari en je kan er driehonderdvijftig kilometer mee rijden voordat je de accu moet opladen. En het ding ziet er cool uit. Mensen die van Porsche of Ferrari houden zeggen “Wauw!” als ze een Tesla zien.’
- Hij trekt heel hard op, hè?
‘Héél hard. Dat komt door de elektromotor. En hij heeft geen versnelling, dus je trapt het gas in en alle energie zit meteen in de wielen. Er zijn nog andere bedrijven die goed bezig zijn, zoals Fisker. Die hebben de Karma, een plug-in hybrid sedan met een elektromotor en een benzinemotor om de accu op te laden. Die geef ik ook wel een kans.’
- Zijn die auto’s bereikbaar voor het grote publiek?
‘Nu nog niet. De Tesla Roadster kost zo’n 90 duizend dollar. Maar ze gebruiken die sportauto om hun techniek te ontwikkelen en ik denk dat ze over drie, vier jaar met gewone middenklassers komen.’
- Hoe zit het met de waterstofauto, waarmee de grote autofabrikanten schermen?
‘Dat horen we al dertig jaar, maar ik denk niet dat die er ooit gaat komen. De waterstofauto is te ingewikkeld, daar hoort een hele nieuwe infrastructuur bij. Terwijl je voor een elektrische auto alleen maar een stopcontact nodig hebt.’
- En een heel lang verlengsnoer...
‘Daarom zijn ze bezig nieuwe accu’s te ontwikkelen die je in tien minuten kunt opladen in plaats van in een paar uur, zoals nu nog het geval is. Dan drink je intussen een kopje koffie.’
- Stimuleert de overheid nieuwe autotechnologie voldoende?
‘De vraag is of ze dat moet doen. Dat is meestal niet zo goed gegaan, daar heb ik leuke voorbeelden van in mijn film. Ze kan beter eisen dat auto’s veel zuiniger worden. Ik denk dat dat beter werkt.’
Uit: VPRO Gids nr. 39 2008
Extra afbeeldingen
- Zoom
- De race om de auto van de toekomst
0 Reacties